Klokjesbloem

 

De Klokjesbloem

Soms voel ik mij een klokjesbloem

die staat te stralen in de zon,

haar lange stengel recht omhoog

met mooie grote bloemen.

Maar er komt storm en er komt regen.

Daar kan die stengel niet goed tegen.

Ze knakt voorover en valt om.

Ook ik ben soms geknakt en krom,

Door tegenwind en tegenslag.

Wat moet er van mij worden?

Maar dan voel ik mijn wortels weer,

Mijn familie en mijn vrienden,

De grond waarop ik sta.

Niet alles is verloren.

De basis is nog goed en gaaf

En net zoals de klokjesbloem

Laat ik weer nieuwe stengels groeien

Met mooie grote bloemen

Desnoods pas volgend jaar.

 Dit gedichtje heeft altijd een bijzondere betekenis voor mij gehad. Ik zette het in mijn eerste boek ‘Het jaar van de Krab’ omdat het weergaf hoe ik mij toen voelde. Het was in september 1998 dat ik voor de eerste keer de diagnose borstkanker kreeg. In 2000 gaf ik het boek uit en kreeg daar veel respons op.

Ook van Wil uit Poeldijk. Zij en haar man hadden een zoontje verloren aan kanker en zij had daar ook een boek over geschreven. Zo kwamen wij voor het eerst met elkaar in contact. De klokjesbloem (Campanula) bloeit bij Wil in de tuin. Ze gaf me bij afscheid een bosje mee.

Vanaf die tijd, dus al zestien jaar, komen Wil en ik ieder jaar in mei of juni bij elkaar. En ieder jaar krijg ik weer een bosje klokjesbloemen. Met de herinnering en stille wens dit nog heel lang te mogen doen. Is dat niet bijzonder?

Campernula, klokjesbloem, borskanker
De klokjesbloem gekregen op 7 juni 2016

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.